Vincent de Groot: "Onze dienstverlening is volledig gericht op de internationale werknemer. Door de uitgebreide ervaring met en de specifieke kennis over onder meer de fiscale omstandigheden van zeevarenden, personen werkzaam in de offshore-industrie en bij baggerbedrijven, maar ook voor andere internationaal mobiele werknemers, weet u zeker dat uw fiscale zaken in vertrouwde en deskundige handen zijn.

Bent u buiten Nederland werkzaam? Zit u met vragen over belastingen en sociale premies? Niet alleen voor het verzorgen van uw Nederlandse aangifte inkomstenbelasting, maar ook bij advisering over werken buiten Nederland of voor een buitenlandse werkgever en wonen buiten Nederland bent u bij ons aan het juiste adres!"



Translate this site


Posts tonen met het label Beroep. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Beroep. Alle posts tonen

Beroep niet te snel niet-ontvankelijk verklaren bij ontbreken bestreden besluit

De Hoge Raad oordeelt dat rechters terughoudend moeten zijn met het niet-ontvankelijk verklaren van een beroep vanwege het niet meesturen van het bestreden besluit door de indiener.

X komt in beroep bij Rechtbank Noord-Holland. De rechtbank verklaart het beroep niet-ontvankelijk wegens het ontbreken van het bestreden besluit. In verzet blijft deze beslissing in stand.

De Hoge Raad oordeelt dat rechters terughoudend moeten zijn met het niet-ontvankelijk verklaren van een beroep vanwege het niet meesturen van het bestreden besluit door de indiener.

De Hoge Raad legt uit dat de verplichting tot overlegging van een afschrift van de bestreden uitspraak niet absoluut is. Art. 6:5 Awb eist slechts dat “zo mogelijk” een afschrift wordt overgelegd. Daarbij komt dat de rechter bij het niet overleggen niet verplicht is om over te gaan tot niet-ontvankelijkverklaring. Ten slotte speelt hier geen termijn van openbare orde. De rechtbank heeft dit alles miskend met het oordeel dat het niet overleggen van een afschrift van het bestreden besluit niet kan leiden tot verschoonbaarheid.

Ontslagvergoeding gerepatrieerde expat in Nederland belast

Belanghebbende, ruim 61 jaar, woonde en werkte ruim 13 jaar in de VS waarna hij ontslag krijgt aangezegd. Hij repatrieert naar Nederland en ontvangt hier van zijn werkgever een ontslagvergoeding. De ontslagvergoeding bestaat uit een (gemaximeerd) bedrag dat is afgestemd op de resterende arbeidsjaren en een deel dat dient ter compensatie voor versneld vertrek. De werkgever stort de vergoeding in een door belanghebbende opgerichte stamrecht-BV. De stamrecht-BV keert uit en houdt loonheffing in. Belanghebbende is het met deze inhouding niet eens. Het Hof is van oordeel dat het bedongen stamrecht kwalificeert als een lijfrente als bedoeld in artikel 19, eerste lid, van het belastingverdrag met de Verenigde Staten. Dit is anders dan het oordeel van de Rechtbank, dat op grond van dezelfde bepaling het stamrecht aanmerkte als overbrugging tot aan het pensioen. De uitkomst is evenwel gelijk: het heffingsrecht komt toe aan Nederland. Het hoger beroep is ongegrond.

Beroep tegen box 3-heffing weinig kans van slagen

De belastingbetalers die in beroep zijn gegaan tegen de vermogensrendementsheffing hebben kleine kans dat zij in het gelijk worden gesteld. Tijdens de gesloten rechtszitting lieten de rechters door middel van hun vragen doorschemeren nauw aan te sluiten bij het oordeel van de Hoge Raad.

In juni dit jaar oordeelde de Hoge Raad dat de box 3-heffing niet in strijd is met artikel 1 Eerste Protocol EVRM. Deze uitspraak betrof belastingaanslagen omtrent rendementsheffingen op vastgoed. In het proefproces dat de Bond voor Belastingbetalers is gestart, gaat het over de box 3-heffing op spaartegoeden. De zes belastingbetalers die in beroep zijn gegaan, hebben volgens de Bond na de heffing en rekening houdend met inflatie in 2014 allemaal vermogen moeten inleveren. Dit zou in strijd zijn met de Europese bescherming van het eigendomsrecht.

Prejudiciële vragen i.v.m. werk als skilerares?

Premies volksverzekeringen; Verordening 1408/71; drie maanden onbetaald verlof uit Nederlandse dienstbetrekking om in die tijd in loondienst voor een Oostenrijkse Skischule te werken. verzekeringsplicht in Nederland of in Oostenrijk? ‘Placht’ de belanghebbende in twee lidstaten werkzaamheden in loondienst uit te oefenen in de zin van art. 14(2)(b)(i) Vo. 1408/71)? Prejudiciële vragen.

Feiten: De belanghebbende is met haar Nederlandse werkgever onbetaald verlof overeengekomen voor de periode 1 december 2008 tot en met 28 februari 2009. Tijdens haar verlof heeft zij in loondienst gewerkt als skilerares voor een Oostenrijkse Skischule. De belanghebbende acht zich gedurende het onbetaald verlof in Nederland vrijgesteld van premieplicht, omdat zij verzekerd zou zijn in Oostenrijk. De Inspecteur heeft het Oostenrijkse inkomen in mindering gebracht op het premie-inkomen, maar geen volledige premievrijstelling verleend voor januari/februari 2009.

Digitaal procederen in hoger beroep en cassatie

De mogelijkheden om digitaal te procederen worden uitgebreid. Voor hoger beroep en cassatie in civiele zaken komt er nu ook een eenvoudige, digitale procedure. Daardoor wordt de toegang tot de rechter makkelijker. Dit blijkt uit een wetsvoorstel van minister Opstelten (Veiligheid en Justitie) dat naar de Raad van State is gestuurd. De maatregel is onderdeel van het vernieuwingsprogramma Kwaliteit en Innovatie (KEI) rechtspraak. Eerder werd een soortgelijke regeling ontworpen voor zaken in eerste aanleg.

Gemeente mag onderzoek bijstandsfraude niet uitbesteden aan commercieel bedrijf

In zijn uitspraak van 16 september 2014 beslist de Centrale Raad van Beroep dat een gemeente haar kerntaken bij de uitvoering van de bijstand, zoals de preventie van bijstandsfraude, niet mag uitbesteden aan een commercieel bedrijf. Deze kerntaken dienen binnen het publieke domein te worden uitgevoerd. De Centrale Raad van Beroep is de hoogste rechter op het gebied van het sociale bestuursrecht, het ambtenarenrecht en delen van het pensioenrecht.

De gemeente heeft door medewerkers van een commercieel bedrijf onderzoek laten doen onder ontvangers van bijstand. Hiervoor had de gemeente een “no cure no pay” overeenkomst gesloten met een bedrijf. De gemeente hoefde alleen aan het bedrijf te betalen als het onderzoek leidde tot een intrekking, beëindiging of weigering van de bijstandsuitkering. De medewerkers van het bedrijf verrichtten het onderzoek geheel zelfstandig.

Griffierechten belastingzaken omhoog

Minister Opstelten van Veiligheid en Justitie heeft bij de Tweede Kamer een wetsvoorstel ingediend waardoor de griffierechten worden aangepast. Het griffierecht in belastingzaken gaat omhoog. Voor alle bestuursrechtelijke zaken over toeslagen gaat hetzelfde lagere tarief gelden.

Het griffierecht voor de meeste belastingzaken in eerste aanleg gaat voor natuurlijke personen van € 44 naar € 77. Voor een aantal specifieke belastingzaken (o.a. dividendbelasting, omzetbelasting en BPM) gaat het tarief voor natuurlijke personen van € 160 naar € 163. Voor rechtspersonen geldt in alle belastingzaken dat het tarief van € 318 naar € 324 gaat. Voor toeslagzaken gaat een tarief gelden van € 77.

Internationaal werkzaam, zeevarend? Werkzaam in de bagger- of offshore-industrie? Neem contact op met Robelco Tax Services!

X