Vincent de Groot: "Onze dienstverlening is volledig gericht op de internationale werknemer. Door de uitgebreide ervaring met en de specifieke kennis over onder meer de fiscale omstandigheden van zeevarenden, personen werkzaam in de offshore-industrie en bij baggerbedrijven, maar ook voor andere internationaal mobiele werknemers, weet u zeker dat uw fiscale zaken in vertrouwde en deskundige handen zijn.

Bent u buiten Nederland werkzaam? Zit u met vragen over belastingen en sociale premies? Niet alleen voor het verzorgen van uw Nederlandse aangifte inkomstenbelasting, maar ook bij advisering over werken buiten Nederland of voor een buitenlandse werkgever en wonen buiten Nederland bent u bij ons aan het juiste adres!"



Translate this site

Opruimen oude olieplatforms kost miljarden

Olie- en gasbedrijven met platforms op de Noordzee moeten flink gaan sparen om hun oude platformen op te kunnen ruimen. Dat stelt financieel dienstverlener Intertrust, die van de meeste van hen die spaarpotjes in beheer krijgt.

Sinds de oliecrises in de jaren 70 heeft de olie- en gaswinning op de Noordzee serieuze vormen aangenomen. Maar sinds het einde van de jaren 90 loopt de productie terug, en veel platforms op nagenoeg lege velden zijn binnenkort rijp voor de sloop. Om te voorkomen dat met name kleinere bedrijven die kosten niet kunnen ophoesten, en de belastingbetaler de rekening krijgt, wordt momenteel de Mijnbouwwet aangepast.

Daarop vooruitlopend hebben de meeste olie- en gasproducenten via brancheorganisatie Nogepa (Nederlandse Olie en Gas Exploratie en Productie Associatie) financieel dienstverlener Intertrust in de arm genomen om geld apart te zetten voor de ontmanteling van hun platforms. „We zien dat steeds meer exploitanten hiervoor aparte voorzieningen aanleggen, anticiperend op verscherpte wetgeving”, legt directeur Capital Markets Arno Vink uit.

In de Noordzee staan volgens data van Greenpeace 1740 grotere en kleinere offshore-installaties, waarvan 176 in Nederlandse wateren. Die zijn in handen van een twintigtal operators, naast Shell (NAM), Total en Wintershall veelal relatief kleine bedrijfjes zoals Oranje Nassau Energie-Dyas of Dana Petroleum.
Belastingbetaler
In Nederland is geregeld in de Mijnbouwwet dat de zogeheten operator hoofdverantwoordelijk is voor de financiering van de opruiming. Voor de 176 installaties in het Nederlandse deel van de Noordzee zou het om een totale kostenpost van €7 miljard gaan, becijferde staatsagentschap Energie Beheer Nederland.

Vink: „Het gaat om grote bedragen, die bedrijven zelf zullen moeten reserveren. Een faillissement of andere financiële problemen kunnen ervoor zorgen dat er voor opruiming uiteindelijk geen of minder geld is. De rekening wordt dan doorgeschoven naar de overheid, naar de belastingbetaler.”

Zo’n faillissement is niet ondenkbaar gelet op het feit dat veel grote oliebedrijven hun velden aan het eind van de levensduur vaak doorverkopen aan kleine bedrijfjes om de laatste druppels eruit te persen.
Gezamenlijke aanpak
Anticiperend op verscherpte regels in de Mijnbouwwet – een voorstel gaat binnenkort naar de Tweede Kamer na advies van de Raad van State– heeft de sector gekozen voor een gezamenlijke aanpak, stelt Vink.

Daarvoor is een aparte stichting opgericht, waarvan Intertrust het bestuur verzorgt en dat erop toeziet dat de gereserveerde financiële middelen gescheiden zijn van de balans van de betrokken bedrijven. Jaarlijks wordt per installatie bekeken wat de resterende waarde van het gas- of olieveld is. Als die onder de kosten van opruiming daalt, moeten de licentiehouders het verschil in de stichting bijstorten.
Brent
Shell is momenteel nog in discussie met Ospar, een samenwerkingsverband van landen rond de Noordzee, over het wel of niet geheel ontmantelen van drie betonnen structuren op het Brent-olieveld (zie foto), in de Britse wateren. Greenpeace eist dat Shell dat wel doet, Shell claimt dat het te duur en gevaarlijk is.

Nederland en Duitsland delen het standpunt van Greenpeace, maar de platforms staan in Britse wateren. De Britten vinden het prima als de betonnen pilaren blijven staan nadat de bovenliggende platforms zijn verwijderd. Volgens Ospar-regels, die werden opgesteld na de controverse met Shells Brent Spar, mogen pilaren onder bepaalde voorwaarden met een ontheffing blijven staan.

Internationaal werkzaam, zeevarend? Werkzaam in de bagger- of offshore-industrie? Neem contact op met Robelco Tax Services!

X