Nederlandse rederijen kampen met tekorten aan kapiteins en officieren en dat lijkt alleen maar erger te worden. Grote leveranciers als Oekraïne en Rusland vallen weg en weinig Nederlandse jongeren zijn geïnteresseerd. De scheepvaart wil daarom makkelijker niet-Europese kapiteins inschakelen.
De coronapandemie en de daaropvolgende oorlog in Oekraïne hebben het werk van Cees Horvers bij rederij Wagenborg een stuk moeilijker gemaakt. 'Sinds die twee gebeurtenissen is het invullen van de officiersposities aan boord moeilijker geworden', zegt Horvers, bij de Groningse rederij verantwoordelijk voor het bemannen van schepen. 'We kunnen alle schepen nog wel laten varen. Maar er is veel meer druk op de planning.'
Met honderd eigen koopvaardijschepen behoort het in 1898 opgerichte Wagenborg tot de grootste rederijen van Nederland. De veer- en sleepboten zitten daar trouwens niet bij. Horvers en zijn afdeling regelen daarnaast de crew voor zestig schepen van enkele andere rederijen. Een multiculturele klus. Horvers: 'In totaal werken we met een pool van drieduizend zeevarenden, bestaande uit dertig nationaliteiten.' De helft van de pool heeft een officiersrang: kapitein, stuurman of hoofdwerktuigkundige (machinist).